
We begonnen onze 2e dag op Okinawa met een
ontbijt in het hotel. Helaas zijn we allebei geen fans van een Japans ontbijt.
Hoewel al die gegrilde vis, soep, gefrituurde kip en ingemaakte groenten vast
lekker zullen zijn, hebben we daar beiden absoluut geen behoefte aan zo vroeg op de ochtend. Uiteindelijk steel ik daarom de enige paar zielige sneetjes
brood, waar ik wat jam op kan doen als ik geluk heb en Sander gooit jam over
een kommetje rijst. Vooral dat laatste trok de aandacht bij de tafel naast ons,
waar 2 kleine kinderen meteen tegen hun moeder begonnen te zeuren dat ze dat
ook wilden, haha!
Onze eerste stop die dag, was bij traditionele Ryukyu huizen. Dit zijn
historische huizen waarin je kan zien hoe men hier vroeger leefde. Het was best
klein, dus we waren hier snel doorheen, maar het was leuk om het even gezien te
hebben. In het museumwinkeltje kreeg je bij je ticket een gratis kopje groene
thee en typisch Okinawan snoep erbij. Daarna gingen we naar het Katsuren
kasteel. Deze ruïne staat bovenop een heuvel. We reden verder naar Miyagi, een
ander eiland, waar we via een brug naartoe konden. Rondom het hoofdeiland Naha,
liggen vele kleine eilandjes, die gelukkig allemaal uitstekend bereikbaar zijn
met bruggen. We stopten bij een de Nuchi-una zoutfabriek, omdat je hier
prachtig uitzicht scheen te hebben. En dat klopte! Je kon ook nog een klein
stukje een heuvel op lopen, dit heette Happy Cliff. Natuurlijk. We reden nog
een stuk verder naar weer een ander eiland, namelijk Ikei, waar we besloten te
lunchen bij een strandrestaurant op Ikei Beach. Na een heel dienblad vol
gefrituurde vis, patat, salade, omelet, soep en rijst, hadden we weer energie
om verder te gaan.
We reden terug naar het eiland Naha, maar stopten
onderweg af en toe nog even om van het uitzicht te genieten. Langs veel wegen
zijn parkeerplaatsen voor uitkijkpunten te vinden en plekken met picknicktafels
en soms restaurantjes. Het laatste strand wat we die dag wilden bekijken was
Cape Maeda. Dit werd vaak genoemd als een van de mooiste stranden van Okinawa.
We liepen een stukjes over het strand en de pier en na zonsondergang vertrokken
we richting American Village.
Onderweg stopten we ook nog even bij een informatiecentrum
over de Amerikaanse vliegbasis Kadena. Je kon vanaf de verte over de basis
kijken, maar aangezien het al donker was, zagen we helaas weinig. In het
centrum waren wel foto’s en plattegronden te zien, waardoor we toch een goed
idee kregen van de gigantische afmetingen van deze basis.
Er wonen dus zoveel Amerikanen op de basis, dat er een
heel Amerikaans dorp is gebouwd, American Village in Chatan, wat wel
toegankelijk is voor iedereen. Er waren talloze restaurants en ook een aantal
winkels. Alles was nog uitbundig versierd met kerstverlichting en het zag er
dan ook meer uit als een pretpark. We wilden nogmaals naar een echt Amerikaans
restaurant voor een lekkere burger. Dat was gelukt en we hebben ons weer lekker
vol gegeten. Na weer zo’n 15 minuten in de auto, waren we weer terug in ons
hotel.

Reacties
Een reactie posten